Yvette Luikinga

Yvette kan alles


1 reactie

Vrouw van de wereld…

Ruim 17 jaar geleden begon mijn carrière een mooie richting op te gaan. Geen kantoorbaan meer maar als projectmanager bij een softwarebedrijf en later een internetprovider, ik deed zowel nationaal als internationaal projecten. Voor mijn werk korte reisjes naar Stockholm, Kopenhagen, Praag, Boedapest, Wenen, het ging maar door. Ik voelde me vrouw van de wereld.

Thuis was alles goed geregeld, anders kan je dat natuurlijk niet doen. Ik was, vond ik, toch wel erg gelukkig met een man die het prima vond om parttime te werken (eigen klusbedrijf) en daarnaast grotendeels voor de zorgtaken op te draaien. In de praktijk werkte het zo dat mijn moeder 1 dag per week oppaste, de kinderen 2 dagen naar het KDV gingen en hun vader nam de rest van de week op zich. Toen ze naar school gingen, bleven ze op school lunchen en hadden we verder geen opvang. Boodschappen doen, eten koken, huis redelijk aan kant, allemaal zijn taken. Ik zorgde in het weekend voor de was.

En ik dacht dat ik het prima voor elkaar had.

Tot die vreselijke dag dat de waarheid niet meer verborgen kon blijven. Ik, vrouw van de wereld, ik, die haar projecten keurig op orde had, ik, die precies kon aanvoelen wanneer een klant of een teamlid wat extra aandacht nodig had, ik had helemaal niet door dat het thuis niet goed ging!

Toen het niet meer te verbergen viel, kwam het hoge woord er eindelijk uit: hij had grote schulden opgebouwd door te gokken. Gokken??? Hoezo gokken, wanneer dan? Het bleek dat hij helemaal niet 3 dagen per week aan het werk was, het bleek dat hij met een groep vrienden(?) elke dag bij iemand thuis aan het kaarten was. Om geld. Om veel geld. Om heel veel geld. En nu zat hij in de problemen, want dat geld moest betaald worden.

Hij had er spijt van, ontzettend veel spijt van. Hij zou het nooit meer doen, echt, nooit meer. Hij zou het goed maken met me.

Ja, ik heb het betaald. En wat deed ik vervolgens? Ik, de vrouw van de wereld? Ik dacht dat daarmee alles was opgelost. Hij had immers spijt. Hij zou het immers nooit meer doen. Dus er was geen probleem meer.

Toch….?